Goudprijs zet opmars verder, Peter Schiff ziet nog hogere koersen mogelijk
Volgens Peter Schiff betoogt in Commodity Culture nogmaals dat goud en zilver zich in een structurele bullmarkt bevinden die nog lang niet ten einde is. Zijn kernargument is dat de fundamentele oorzaken achter de stijging van edelmetalen niet cyclisch maar structureel zijn, en zelfs verergeren. In zijn visie is de recente prijsstijging geen speculatieve hype, maar een rationele reactie op diepgaande monetaire en economische ontsporingen.
Een eerste pijler in zijn redenering is de aanhoudende verzwakking van fiatgeld, en dan vooral de Amerikaanse dollar. Schiff stelt dat centrale banken, met de Federal Reserve voorop, gevangen zitten in een systeem van permanente monetaire verruiming. Hoge schulden, grote begrotingstekorten en politieke druk maken het volgens hem onmogelijk om de rente langdurig hoog te houden zonder een financiële crisis te veroorzaken. Lagere rente en nieuwe rondes van geldcreatie ondermijnen de koopkracht van valuta, waardoor goud en zilver automatisch aantrekkelijker worden als monetaire alternatieven.
Daarnaast wijst Schiff op het verlies aan vertrouwen in staatsobligaties. Waar obligaties traditioneel als veilige haven golden, ziet hij nu een structureel probleem: beleggers krijgen wel nominale rente, maar lijden reëel verlies door inflatie. In dat klimaat winnen edelmetalen terrein, omdat ze geen tegenpartijrisico hebben en historisch hun koopkracht behouden. Volgens Schiff is goud niet zozeer gestegen, maar is het geld waarin goud wordt geprijsd simpelweg minder waard geworden.
Voor zilver ziet hij zelfs een extra hefboom. Zilver is volgens hem zowel geld als grondstof. Naast zijn monetaire functie profiteert het van sterke industriële vraag, onder meer vanuit de energietransitie, elektrificatie en technologie. Tegelijk is het aanbod beperkt, onder meer omdat zilver vaak een bijproduct is van andere mijnbouwactiviteiten. Schiff benadrukt dat dit structurele tekort zilver bijzonder gevoelig maakt voor prijsstijgingen zodra investeringsvraag toeneemt.
Een ander belangrijk element is het gedrag van centrale banken zelf. Schiff wijst erop dat centrale banken wereldwijd netto kopers van goud zijn geworden, een teken dat zelfs monetaire autoriteiten hun vertrouwen in het huidige systeem willen afdekken. Dat proces ziet hij als traag maar onomkeerbaar, en het ondersteunt volgens hem een langdurige stijgende trend in goud.
Tot slot benadrukt Schiff dat goud en zilver historisch gezien sterk ondergewaardeerd zijn ten opzichte van financiële activa zoals aandelen en vastgoed. In een scenario waarin vertrouwen verschuift van papieren beloften naar tastbare waarde, ziet hij een herwaardering die nog maar net begonnen is. In zijn visie staan goud en vooral zilver daarom niet aan het einde, maar eerder aan het begin van een veel grotere opwaartse beweging.
-
Marktanalyse
Goudprijs zal volgens de analisten dit jaar de opwaartse trend vasthouden
-
Marktanalyse
BMO sluit goudprijs van 6.500 dollar dit jaar niet uit
-
Marktanalyse
David Morgan maakt zich weinig zorgen om correcties in de zilverprijs
-
Marktanalyse
Goudprijs naar 20.000 dollar? Société Générale sluit het idee niet uit